Wat je eraan hebt
Btw verlegd zonder erover na te denken
Werk je als onderaannemer voor een hoofdaannemer, dan verleg je de btw. Op de factuur moet dan “btw verlegd” staan plus het btw-nummer van je opdrachtgever, en er mag geen btw-bedrag op.
Je zet de factuur één keer op btw verlegd en de verplichte vermelding komt er automatisch bij, met het btw-nummer van de klant erbij. Geen sjabloon dat je per klus moet aanpassen, en geen factuur die terugkomt omdat de vermelding ontbrak.
Termijnen spreek je af in de offerte
Bij een klus van enige omvang factureer je niet in één keer. Je zet de verdeling meteen in de offerte: bijvoorbeeld 30% bij opdracht, 40% bij start en 30% bij oplevering. Je klant ziet die verdeling en gaat er dus mee akkoord op het moment dat hij tekent.
De verdeling kan in percentages of per regel, net wat bij de klus past. De bedragen tellen exact op tot het offertetotaal: de laatste termijn vangt het restant op, dus er blijft nooit een cent zweven.
De termijnfacturen gaan vanzelf
Zegt je klant ja, dan staan de termijnen klaar. Op de afgesproken datum maakt factuurmaken de termijnfactuur, met het volgende factuurnummer en een verwijzing naar de offerte. Je hoeft niet bij te houden wat je al gestuurd hebt.
Uitgelicht: de aanbetaling
De aanbetaling is het verschil tussen een klus die je voorfinanciert en een klus die zichzelf betaalt. Het lastige eraan is niet het bedrag, maar het moment: je wilt hem gefactureerd hebben voordat je materiaal inkoopt, niet twee weken erna omdat het er niet van kwam.
Door de termijnen in de offerte af te spreken, staat de eerste factuur klaar op het moment dat de opdracht rond is. Dat scheelt een gesprek dat niemand graag voert.